We willen graag grip hebben. Control. Op wat er gebeurt in de klas, in de school, in ons léven. Maar ook willen we afstand. We willen er niet te dicht op zitten.
Ik heb een beamer in m’n lokaal. Hoera. In mijn natuurkunde lokaal hangt een beamer aan het plafond. Met een afstandsbediening. Boven het – nog steeds onmisbare – krijtjesbord hangt een scherm. Een electrisch scherm. Met een afstandsbediening. Er is ook een DVD speler. Met een remote control. Zodra ik mijn laptop heb aangesloten heb ik het helemaal voor elkaar: videootjes, proefjes, webpagina’s : allemaal letterlijk met een druk op de knop. Mijn laptop heeft ook een afstandsbediening.
De leraar in het centrum van zijn onderwijsheelal flitst naar alle kanten signalen uit. En heeft control. Wat er gebeurt op welk moment. Hij heeft namelijk de afstandbedieningen ! Alle vier ! Wat doet de leerling ? Hij en zij consumeren. Ze moeten meedoen aan een spel waarvoor iemand anders de spelregels gemaakt heeft, de kaarten getekend en de dobbelsteen gegooid. Met huiswerk zijn ze snel klaar, want die stippellijntjes invullen in zo’n werkboek dat heb je de eerste week al wel onder de knie.
- Leraar: Je moet niet alles van Kasper overschijven !
- Leerling: Ik schrijf het helemaal niet van Kasper over. We schrijven het allebei van Kasper z’n zus over, want die had vorig jaar ook dat werkboek !
Veel creativiteit voor de leerlingen blijft er niet over. Behalve het verstoppen van een afstandsbediening.